Centraal strafregister
Stand van zaken
Goedgekeurd in Kamer en Senaat.
Deze wet kan gepubliceerd worden.
Introductie
De wet van 8 augustus 1997 betreffende het centraal Strafregister, verleent een wettelijke basis aan het strafregister. Ze maakt het mogelijk gegevens betreffende beslissingen genomen in strafzaken of ter bescherming van de maatschappij te registeren, bewaren en wijzigen.
De doelstelling van het Strafregister bestaat erin de daarin geregistreerde gegevens mede te delen:
- aan de overheden belast met de uitvoering van de opdrachten van de rechterlijke macht in strafzaken;
- aan de administratieve overheden met het oog op de toepassing van bepalingen waarvoor kennis is vereist van het gerechtelijk verleden van de personen op wie administratieve maatregelen betrekking hebben;
- aan particulieren ingeval zij een uittreksel uit het Strafregister moeten voorleggen;
- aan buitenlandse overheden in de gevallen omschreven in internationale overeenkomsten.
Deze mededelingen aan particulieren kunnen via de gemeentelijke administraties gedaan worden middels de uitreiking van uittreksels uit het strafregister (vroeger getuigschriften van goed gedrag en zeden genaamd). Sinds 30 juni 2009 zijn de gemeenten niet meer bevoegd om deze uittreksels uit het strafregister af te leveren.
De minister van Justitie heeft de kamer een wetsontwerp voorgelegd, bedoeld:
- als overgang bij het ontbreken van een wettelijke basis voor de aflevering van uittreksels uit het strafregister,
- om de aflevering van uittreksels uit het strafregister binnen de context van de jeugdbescherming mogelijk te maken,
- om de magistraten van de Strafuitvoeringsrechtbank toegang tot het strafregister te geven.
Deze wet is onlangs goedgekeurd.
Belangrijkste implicaties
1. Voortaan registreert het centraal strafregister eveneens:
- de veroordelingen bij eenvoudige schuldverklaring, (art.2),
- de verboden uitgesproken door de onderzoeksrechter, om een activiteit met minderjarigen uit te oefenen, in het kader van een lopend gerechtelijk onderzoek. (art.2)
Na een termijn van 3 jaar zullen de veroordelingen bij eenvoudige schuldverklaring evenwel niet meer vermeld worden in het uittreksel, wanneer deze uittreksels opgevraagd worden door:
de administratieve overheden (art.4) of particulieren (art.5);
2. Toegang van de gerechtelijke autoriteiten tot het strafregister
De strafuitvoeringsrechtbanken hebben sinds 1 juli 2009 dezelfde toegang als de gerechtelijke autoriteiten bedoeld in artikel 593 van het Wetboek van strafvordering tot bepaalde informatie die in het centraal strafregister geregistreerd is. (art. 3)
3. Modaliteiten voor de uitreiking van uittreksels uit het strafregister aan particulieren
Een Koninklijk Besluit zal genomen worden om de modaliteiten voor de uitreiking van uittreksels uit het strafregister te uniformiseren, die voorheen in een omzendbrief omschreven was.
In afwachting van de aansluiting van de gemeenten op het centraal strafregister in 2012, leveren de gemeenten de uittreksels uit het strafregister af op basis van de gegevens in de gemeentelijke strafregisters. De griffiers melden voortaan eveneens de opschortingen van de uitspraak van veroordelingen en de eenvoudige schuldigverklaringen..
Mensen in voorlopige hechtenis kunnen geen uittreksel uit het strafregister verkrijgen.
4. Uitoefening van een activiteit die contact met minderjarigen impliceert
Wanneer een particulier een uittreksel uit het strafregister vraagt met het oog op de uitoefening van een activiteit die een contact met minderjarigen impliceert, vermeldt het uittreksel voortaan – naast de beslissingen bedoeld in artikel 595, lid 2 van het Wetboek van strafuitvoering – 3 nieuwe soorten beslissingen wanneer deze uitgesproken worden wegens feiten gepleegd ten aanzien van een minderjarige en dit een constitutief element van de inbreuk is of de straf verzwaart. Het gaat om:
- veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring,
- opschorting van de uitspraak van de veroordeling
- veroordelingen uitgesproken in het buitenland tegen Belgen,
Dit uittreksel zal ook de door de onderzoeksrechter uitgesproken verboden vermelden om een activiteit met minderjarigen uit te oefenen.. Deze verboden worden in de toekomst aan de diensten van de lokale politie meegedeeld, of aan het centraal strafregister, in het geval de betrokkene geen woon- of verblijfplaats in België heeft (art.9).
Ongewijzigde effectieve vermeldingen die in de uittreksels uit het strafregister moeten staan en die aangevraagd zijn door particulieren
- Indien de vraag eenvoudig gesteld is op grond van het recht dat toegekend is op basis van artikel 10 van de wet van 8 december 1992 betreffende de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, vermeldt het uittreksel alle in het uittreksel geregistreerde informatie, behalve die bedoeld in artikel 595, lid 1, 1° tot 3° en lid
- Indien de vraag is gesteld om een activiteit uit te oefenen waarvan de toegangsvoorwaarden zijn vastgesteld bij wets- of verordeningsbepalingen, moet het uittreksel de veroordelingen beoogd in artikel 595, alinea 2 van het Wetboek van strafvordering vermelden die in een vervallenverklaring voorzien van meer dan 3 jaar met als doel de betrokkene de uitoefening van deze activiteit te verbieden.
De Minister van Justitie
Stefaan De Clerck