Huisvesting
Huisvesting Rechterlijke Orde
Om zijn rol in de samenleving efficiënt te kunnen uitvoeren, beschikt de FOD Justitie over meer dan 300 gerechtsgebouwen, verspreid over het hele land. Daarnaast werden bij de invoering van de sociale dimensie in justitie en de uitbouw van de werking van de dienst justitiehuizen, in de 27 gerechtelijke arrondissementen, de justitiehuizen opgericht. Op deze manier wilde men justitie dichter bij de burger brengen.
De minister van Justitie is bevoegd voor de huisvesting van de gerechtelijke diensten en voor de justitiehuizen. Dit gebeurt in samenwerking met de Regie der Gebouwen.
De realiteit leert ons dat de toestand waarin sommige gebouwen zich bevinden deplorabel is. Nogal wat gebouwen dateren van het ontstaan van de Belgische Staat. Ze hebben vaak een historische waarde, zijn veelal een beschermd monument, maar beantwoorden vandaag geenszins aan de verwachtingen ten aanzien van functionele (kantoor)gebouwen waarin een correcte dienstverlening kan worden aangeboden.
Daarom bereiden we een plan voor om dit probleem systematisch aan te pakken. De beleidscel justitie heeft, op basis van de informatie aangereikt door de administratie, een inventaris opgesteld en aan de hand hiervan hebben we de onmiddellijke noden gedefinieerd. Ook hier zullen we inderdaad moeten kiezen voor een prioriteitenlijst, want de behoeften zijn aanzienlijk.
Nadien bespreken we dit overzicht met de Regie der Gebouwen. Het is onze intentie om met de Regie een protocolovereenkomst te sluiten met de bedoeling de samenwerking in deze sector te verbeteren.
We zullen daarbij de moed moeten hebben om ook een aantal hangende pijnpunten aan te pakken. Het gaat hier over een aantal problemen waarvoor men veelal op lokaal vlak een oplossing zoekt, terwijl er nood is aan eenduidigheid en een globaal beleid.
Vooreerst is er de problematiek van de huisvesting van de vredegerechten. Volgens de gemeentewet is huisvesting een verantwoordelijkheid van de gemeenten. Maar dit principe wordt niet meer overal toegepast. Verschillende formules zijn aan de orde: de huisvesting in gebouwen als eigendom van de gemeente, inhuurneming door de gemeente, huisvesting door de Regie der Gebouwen, in eigendom of via inhuurneming. Ook de budgettaire tenlasteneming is verschillend (gemeente, Justitie, Regie). Een globale aanpak dringt zich op.
Daarnaast moet dringend het opslaan van de overtuigingsstukken geregeld worden, een probleem dat al jaren aansleept. Niet alleen is er de kostprijs, maar er zijn ook vragen over de veiligheids- en milieuaspecten.
Dit gaat onder meer over de berging van de aangeslagen voertuigen. Overal worden andere systemen toegepast. Er is een globaal beleid nodig dat stoelt op richtlijnen en principes. We plegen hierover eerst overleg met alle betrokken actoren (parket, griffie, COIV, Regie, …).
Meer aandacht moet gaan naar de milieuvriendelijkheid van onze gebouwen. In de loop van 2008 werden twee extra betrekkingen voor milieucoördinatoren gecreëerd. Het is de opdracht van deze personen om een plan van aanpak voor te stellen.
In de gerechtsgebouwen zijn vaak nog andere actoren aanwezig. Vaak worden wij gevraagd om in de gebouwen andere activiteiten van sociale of culturele aard toe te laten. Hier is de aanpak zeer verscheiden en er ontbreekt een juridisch kader. We moeten komen tot een duidelijk beleid, waarbij de rol, verantwoordelijkheden, rechten en plichten van alle betrokkenen helder worden omschreven en afgebakend.
Aansluitend bij dit plan voor de gerechtsgebouwen komt er een plan voor de justitiehuizen. De hierboven aangestipte inventaris bevat eveneens een overzicht van de toestand van de justitiehuizen. We zullen voor dit plan op dezelfde manier te werk gaan.
Het is onontbeerlijk dat deze laagdrempelige diensten hun cliënteel op een fatsoenlijke manier onthalen.