Strafrechtelijk kortgeding bij spoedeisendheid
Dit wetsvoorstel voert een strafrechtelijk kortgeding in bij spoedeisendheid.
Het strekt ertoe een adequate en versnelde procedure in te voeren om de opheffing te vragen van een opsporings-of onderzoekshandeling met betrekking tot goederen. Het voegt de mogelijkheid toe ingeval van spoedeisendheid om rechtstreeks aan de Kamer van Inbeschuldigingstelling de opheffing van de handeling te vragen.
Historiek en stand van zaken
- Overleg in kader van het wetsvoorstel nr. 52/739 houdende diverse maatregelen inzake inbeslagneming van ondernemingsgoederen met de verschillende vertegenwoordigers uit respectievelijk de justitiële wereld en de bedrijfswereld (diamant, VBO,..), teneinde een alternatief voorstel uit te werken dat aan de verzuchtingen van beide instanties tegemoet komt.
- Advies van College van procureurs-generaal dd. 24/06/2009
- Wetsvoorstel 52/2404 tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering wat betreft het strafrechtelijk kortgeding in geval van spoedeisendheid
- Advies Raad van State dd. 17/03/2010
- Ingeleid Kamercommissie justitie zitting dd. 30/03/2010
- In voorzetting gezet naar zitting van 27/04/2010 voor het houden van hoorzittingen, hetgeen niet is doorgegaan door de val van de regering.