Justitie. Menselijk en rechtvaardig.

Aantal gerechtelijke arrondissementen van 27 naar 16

Er is een politiek akkoord over de hervorming van Justitie. Het kernkabinet is het onder meer eens geraakt over een vermindering van het aantal gerechtelijke arrondissementen van 27 naar 16. Binnen die arrondissementen komt er een soort eenheidsrechtbank die met vertegenwoordigingen van de rechtbank van eerste aanleg, de rechtbank van koophandel, de arbeidsrechtbank, de politierechtbank en het vredegerecht het arrondissement beheert.

"Dit is een eerste stap, want alles moet nog worden uitgewerkt en uitgevoerd, maar het is wel een essentiële stap", verklaarde minister van Justitie Stefaan De Clerck (CD&V).

De hervorming is grotendeels degene die De Clerck vorig jaar al naar voren schoof. Er komt een schaalvergroting van de gerechtelijke arrondissementen, een soort eenheidsrechtbank op het niveau van eerste aanleg, een nieuw tuchtrecht voor de magistratuur en een representatief orgaan voor de zetel. Volgens De Clerck staan meer kwaliteit voor iedereen, een beter management en meer verantwoordelijkheid voor de gerechtelijke arrondissementen centraal in de hervorming.

Zoals bekend vermindert het aantal gerechtelijke arrondissementen van 27 naar 16. Over Brussel-Halle-Vilvoorde en Eupen is nog niets beslist. De andere arrondissementen liggen wel al min of meer vast. Het zijn dezelfde gebieden die De Clerck vorig jaar al in zijn nota opsomde: Antwerpen, Gent, Luik, Mechelen-Turnhout, Hasselt-Tongeren, Brussel, Leuven, Nijvel, Dendermonde-Oudenaarde, Brugge-Veurne, Ieper-Kortrijk, Hoei-Eupen-Verviers, Aarlen-Marche-Neufchâteau, Namen-Dinant, Bergen-Doornik en Charleroi.

De Clerck benadrukte dat nog overleg wordt gepleegd over de rechtsgebieden en dat de bestaande structuren maximaal zullen worden behouden. Wel is zeker dat er minder korpschefs en lichtere structuren zullen zijn.

Beheerscollege

De arrondissementen worden aangestuurd door een op te richten beheerscollege, dat wordt voorgezeten door een voorzitter-magistraat en waarin ook de rechtbank van eerste aanleg, de rechtbank van koophandel, de arbeidsrechtbank, de politierechtbank en het vredegerecht vertegenwoordigd zijn door hun voorzitter. Er wordt met elk van deze beheerscolleges - die dus over een grotere autonomie en meer middelen zullen beschikken - een beheerscontract afgesloten.

De Clerck beklemtoonde dat er voor de rechtbanken van eerste aanleg, voor de politierechtbanken en de vredegerechten op jurisdistioneel vlak helemaal niets wijzigt. Dat is wel het geval voor de arbeidsrechtbanken en de rechtbanken van koophandel. Die zullen voortaan worden georganiseerd op het niveau van de vijf ressorten (het niveau van de vijf hoven van beroep). De verschillende vestigingen van die rechtbanken blijven werken zoals nu, maar de schaalvergroting maakt het mogelijk om het personeel in te zetten volgens de bestaande noden. Het moet ook een grotere specialisatie mogelijk maken, luidt het.

De hervorming zorgt ook voor veranderingen bij de federale overheidsdienst Justitie. Daar wordt een gemeenschappelijke, centrale beheersdienst in het leven geroepen waarin naast de administratie zelf ook de zittende en de staande magistratuur zullen vertegenwoordigd zijn. Die dienst zal instaan voor het afsluiten van de beheerscontracten en beslissen over de verdeling van de middelen.

Tuchtrecht

Behalve over de organisatie van het gerecht raakte het kernkabinet het ook eens over een nieuw tuchtrecht voor de magistratuur en over de oprichting van een representatief orgaan voor de zetel. Dat laatste moet de spreekbuis worden van de zittende magistratuur, een orgaan dat tot nu toe nog niet bestond.

Het tuchtrecht is momenteel in handen van de rechtstreekse korpschef van de magistraten. De Clerck wees er op dat dit systeem niet goed werkt. Daarom komt er een tuchtrechtbank die het werk moet overnemen.

De Clerck gaat het akkoord nu omzetten in wetgevend werk. Hij wil de hervorming geleidelijk invoeren en wijst erop dat er verschillende legislaturen zullen nodig zijn vooraleer alles op het terrein op poten zal staan. "Ik wil niet overhaast tewerk gaan of shockeren. Structuren die al 100 jaar meegaan, kun je niet zomaar van vandaag op morgen wijzigen", verklaarde de minister.